Tussen de coulissen

Mijn vader is kelner op het Spaanse cruiseschip El Océano. Na elke twee maanden is hij doorgaans een maand thuis, hier in Sevilla; en ís er dan ook voor ons, voor mij. Mijn moeder kan hier mee leven; heeft een hartsvriendin.

Dan komt het omslagmoment. Mijn moeder en zij willen gaan samenwonen. Mijn vader bekent dat hij al vrij lang een cruise-relatie heeft. Een maand lang is dit het gesprek van de dag, zelden met ruzie, vaak met humor. Mijn moeder gaat met Hermina ‘onder één dak’ – bij ons thuis – wonen. Mijn vader komt gegarandeerd, verzekert hij, zijn verplichtingen na. Niemand twijfelt daaraan.

Met mij wordt er ook over gesproken; om begrip te kweken; om mijn instemming te verkrijgen. Ik ben dan zestien jaar, volop puber; daardoor vaak in verwarring, in rondbazuinend protest, soms een en al begrip of ‘jullie doen maar hoor’; of ziedend en hartverscheurend verdrietig tegelijk; en alleen, soms bonkend tegen een muur: ‘zeg wat’. Of: ‘Ik wil weg van deze wereld.’

uitlopende boom

Foto: Simon Buschman

de kale bomen
geven aan de bosrand daarginds
een grillig aanzien

Zij, Hermina – een en al humor en lichtheid; maar wie is zij echt? – doet zich alleraardigst voor, zo ken ik haar al jaren als de hartsvriendin van mijn moeder. Maar ineens, in een maand tijd en enkele gesprekken, is zij voor mij mijn moeders levenspartner!

Ik ontmoet Chalina tijdens een barbecue. Zij is hostess op het cruiseschip en heeft al sinds jaren ‘een cruise-relatie’ met mijn vader, nu dus ook aan de wal. Wat een persoonlijkheid, stevig van bouw, breed in de schouders. Wat een uitstraling; en wat een natuurlijk gezag. Waar zij verschijnt, kijkt ieder naar haar op; zoals ook mijn vader. Die twee hebben het heel goed; dat zie je direct.

deze lange dag,
te kort voor de leeuwerik
die zingen wil – zingen

Matsuo Basho, 1644-1694

Tja, zowel mijn moeder als mijn vader hebben een stap ‘hogerop’ gemaakt, zijn er op vooruitgegaan, schrijf ik in mijn dagboek. Ik schrik ervan als het naderhand tot mij doordringt wat hier staat. En tegelijk, het is zo waar. Ik vergeet nooit dat etentje met z’n vijven. Hermina en Chalina stalen de show, deden niet onder voor elkaar, wisten elkaar vliegen af te vangen, kozen de wijn uit, wonden de bediening om hun vinger. En gelachen dat er werd; om droevig van te worden.

Er waren momenten dat mijn ouders leken te verdampen; dat zij alleen elkaar nog hadden om van zich te laten horen. Ze werden toeschouwers, leken voorgoed tussen de coulissen te staan, konden alleen nog wat instemmend knikken. Ik zág het gebeuren.

In een kathedraal

Foto: Simon Buschman

de forsythia
geeft geen teken van leven,
hoe goed je ook kijkt

Nu Hermina bij ons woont, nee, wij met z’n drieën iets van een gezinnetje vormen, ook met knetterende ruzies, is het niet makkelijk mijn plek te vinden. Mijn moeder is een ander aan het worden. Zeker, ze is meer ontspannen, minder hoofdpijn, maar voor mij meer en meer afwezig. Hermina, kinderpsychologe, ziet wat er bij mij gebeurt, weet dat op te pakken; hoewel ik me menig keer daartegen verzet en dan tegen haar tekeerga. Zij heeft er begrip voor; soms om razend, doldriest van te worden.

geen steen te vinden
om naar die hond te smijten –
slechts wintermaanlicht

Taigi, 1709-1772

Met Chalina, vaders lief, skype ik veel. Zij voelt aan waar mijn voetangels en klemmen in mijn beroepskeuze zitten. Zij weet precies wat mij bezig houdt: ik weet het nog niet. Zij leert mij ermee omgaan, met vallen en opstaan. Uiteindelijk vind ik de plek waar alles op z’n plaats valt, een middelgroot reclamebureau. Als zij aan wal is, komt zij mij opzoeken, stelt heel losjes de vragen waar het daadwerkelijk om gaat. Ik ben dan in al mijn ambivalenties erg trots op haar, de directie van het reclamebureau is weg van haar.

Daarom ben ik emotioneel vaak zo in de war. Ik zie mijn ouders, besef dat ik echt wel een kind van hen ben. Maar in mijn dag in dag uit groter groeien, het volwassen worden, komen zij meer en meer in de zijlijn te staan.

Blik in een klooster door een open deur

Foto: Simon Buschman

Hermina en Chalina (ik kan het niet ontkennen en toch ook, hoe verschrikkelijk is dat) zijn mijn steunpilaren; mijn ouders kijken toe, soms wat beteuterd ook; laten het gebeuren.

 
 

Vorige pagina: Tanhaibun Richting Bunnik          volgende kennismaking: Simon Buschman